Jan Potappel wijkbeheerder kwam in 1978 in dienst bij PWS (later Havensteder). Hij werd ingeschakeld bij de technische dienst en opereerde vooral in Alexander,... Jan Potappel een legende

Jan Potappel wijkbeheerder kwam in 1978 in dienst bij PWS (later Havensteder). Hij werd ingeschakeld bij de technische dienst en opereerde vooral in Alexander, Crooswijk, Centrum en Oude Noorden. Jan kreeg werkbonnen en ging vervolgens de klus aanpakken. Jan is van de gestampte pot, niet lullen maar oplossingen zoeken. ‘Hoe heb je het voor elkaar gekregen om Ricardo in een mum van tijd vertrouwd te maken met je unieke werkwijze?’

Voor Potappel is dat knip en klaar. ‘De Rotterdamse mentaliteit, geen gelul, gebak van Krul.’ We maakten met Jan Potappel van alles mee. De burenruzie rond een knoert van een boom in een senioren tuintje. We losten het op met een combinatie van vakman en vrijwilligers.

De overlast in de bergingen Gerard Scholten en de jongerenoverlast, Jan pakte het aan en steunde actieve bewoners. Havensteder zorgde voor plantgoed en een schuurtje voor tuin- en spelmateriaal.

Achterterreinen werden schoongemaakt, bergingen geschilderd, bergen aarde geleverd. ’Nu noemen ze dat out of the box denken.’

Iedereen wil normaal behandeld worden volgens Potappel, mensen vragen terecht om aandacht. Je moet ze niet van het kastje naar de muur sturen.

De meest authentieke zinsnede van Jan is: ‘Regels zijn er om overtreden te worden. Ben je bang om je auto te parkeren? Realiseer je dat er een bumper aan zit.

Daar kan je zachtjes mee tegen de ander aanrijden. Hij bijt niet.’ Potappel houdt niet van oeverloos geouwehoer. Hij ergert zich ook aan de doorgeschoten automatisering. Niet alle bewoners zijn geletterd, hebben een computer of een smartphone of doen aan internet bankieren.

Daar moet je rekening mee houden. Jans kindje zijn de taakstraffers bij de Raad van Kinderbescherming. ’Ze zaten toen op de Noordsingel. Ik wilde ze hebben, maar dan het hele project. Ik ben blij dat mijn opvolgers dit doorzetten.’

Taakstraffers
Het werk van Jan Potappel, het inzetten van taakstraffers vanuit de kinderbescherming, wordt voortgezet. We ontmoeten de werkleider van de taakstraffers Ronald Schrijvers, een veertiger een jeugdige uitstraling. Wekelijk zet hij 8 jongens aan het werk.

Ze richten zich vooral op de aanpak van verwaarloosde binnenterreinen,. Gedumpt grof vuil verzamelen ze op één punt. Hij is streng maar rechtvaardig.

De jongeren hebben respect voor hem. Op straat komt hij ze tegen: ‘Hé, taakstraf meester!’

Trots op zijn collega’s
Terug naar Jan. Hij is ook trots op Orkide, de woonvoorziening voor oudere Turken. Geweldig was ook de ontdekking door Potappel in de woning van Johannes de Dichter in de Jensiusstraat waar hij verhalen vond op zolder op het dak beslag die dateren van vóór de oorlog.

’Ik zou er een boek over kunnen schrijven. Ik heb het bij Havensteder altijd naar mijn zin gehad, al waren  de laatste tijd teveel veranderingen en bureaucratie soms een ergernis.’ ‘Aan Leo heb je een hele goeie. Hij heeft bij mij nog gesolliciteerd.

Vergeet dit niet op te schrijven, ik ben echt trots op mijn andere collega’s.’ Het werk op straat. De oplossingsgerichtheid. Het respect voor de bewoners.

De liefde voor de wijk. De Potappel erfenis gaat niet verloren.