De Surinaamse onafhankelijkheid werd in 1975 ingeluid. Hiermee ging Suriname zelfstandig verder en maakte het geen deel meer uit van het Koninkrijk der Nederlanden. Sinds het ingaan van de onafhankelijkheid in 1975 geldt de datum 25 november als jaarlijkse nationale feestdag, ook wel bekend onder de naam Srefidensi Dey.
De naam Srefidensi, afgeleid van het Sranantongo voor ‘zelfstandigheid.’ Srefi betekent zelf, Densi betekent bestaan. Het woord staat symbool voor de trots en waardigheid van het Surinaamse volk. Het koninklijk paar is op bezoek in Suriname om het vijftigjarig bestaan van de Republiek te vieren. Maar de Surinaamse gemeenschap in heel Nederland vierde het feest hier.
Ook in Rotterdam werd op verschillende plaatsen dansend gevierd, zoals in de Banier en bij Perron Noord.
Van Suriname naar Nederland
Voor veel inwoners van de voormalig kolonie was de overgang naar onafhankelijkheid een moment om zich te vestigen in Nederland. Weg van de onvoorspelbare regering, met hoop op een betere toekomst. Theo was op dat moment echter nog te jong om alleen te reizen. Hij werd opgevoed door de zus van zijn vader, omdat moeder hem had achtergelaten.
Tweeëntwintig jaar woonde en leefde hij in Suriname. Hij heeft veel meegemaakt, niet alles even prettig, maar zijn positieve instelling heeft hem er doorheen gesleept. Toch kwam er een dag dat hij zijn heil in Nederland wilde zoeken. Ook Theo wilde een betere toekomst voor zichzelf. Zijn tante was trots, maar verdrietig en ook Theo heeft menig traan gelaten toen hij in 1984 zijn geliefde Suriname verliet.
Dat ging overigens niet zo makkelijk. Op het stadhuis vroeg hij een paspoort aan en daar ontdekte hij iets opmerkelijks. Zijn moeder had, tweeëntwintig jaar daarvoor, een relatie met een Nederlandse scheepvaarder. En op het moment dat zij hoogzwanger was van de kleine Theo, is zij in een vliegtuig gestapt. Bestemming Nederland. Bij aankomst op Schiphol begonnen de weeën en binnen vierentwintig uur werd Theo geboren in Delft.

Mijn hart ligt bij Suriname
Theo was dus helemaal geen Surinamer, maar een Nederlands staatsburger. Geboren, maar niet getogen. Na zes weken bleek het Nederlandse klimaat funest voor de gezondheid van moeder en besloot zij, met haar pasgeboren kind, terug te gaan. Dit is echter nooit zo verteld aan Theo, waardoor hij in de veronderstelling was dat hij de Surinaamse nationaliteit had.
Hoewel dat voor hem niet uitmaakt; zijn hart ligt bij Suriname. ‘Ik ben daar opgegroeid. Ook al heb ik het niet makkelijk gehad, ik houd van mijn land.’ Inmiddels woont en werkt Theo al ruim veertig jaar hier, maar gaat – als het lukt – ieder jaar terug. Hij is de vaste kracht op dinsdag en donderdag bij huiskamercafé Perron Noord, waar hij zorgt dat bezoekers een heerlijk kopje koffie en thee krijgen.
Elke keer als hij in Suriname is, besteedt hij zijn tijd aan het zorgen voor de mensen daar. Maaltijden voor daklozen en kinderen in het tehuis in Paramaribo. Daar is hij het liefst, bij de kinderen. ‘Wat er mij is overkomen, wil ik bij hen verhoeden.’ Hij zamelt geld in en stuurt kleding en voedsel op, gedoneerd door mensen. ’Op deze manier probeer ik mijn steentje bij te dragen. Het land moet groeien, beter worden, vooruit, omhoog.’
Met de nieuwe president gaat dat zeker lukken. Jennifer (Jenny) Geerlings-Simons is een Surinaams arts en politica. Op 16 juli 2025 werd zij beëdigd als eerste vrouwelijke president van Suriname. ‘Ze is een goede president, ze doet veel voor de mensen op het gebied van gezondheidszorg. Zij is de beste sinds de onafhankelijkheid. Onze hoop voor de toekomst.’
Het bezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima doet hem goed. ‘Ik ben trots op mijn koning en ik ben trots op mijn Suriname.’